Milieu & Veiligheidsbeleid

ARBO en VGM beleid

Arbeidsomstandigheden

Beutech Kunststoffen & Bewerking B.V. is als werkgever verantwoordelijk voor de veiligheid, de gezondheid en het welzijn van zowel haar eigen medewerkers als medewerkers van derden, die in opdracht van Beutech b.v. werkzaamheden verrichten. Hiervoor is er door Beutech b.v. een arbeidsomstandighedenbeleid ontwikkeld en tot uitvoering gebracht met als doel:

  • Het creëren van veilige arbeidsomstandigheden om ter voorkoming van ongevallen en incidenten en daarmee te voorkomen van persoonlijk letsel of schade;
  • Het zo goed mogelijk bevorderen van de gezondheid en het welzijn van de medewerkers in relatie tot de door Beutech b.v. uit te voeren werkzaamheden;
  • Het voeren van een actief beleid gebaseerd op zowel het gemeenschappelijk belang van de organisatie in zijn geheel, als op de wettelijke uitgangspunten en is gericht op een voortdurende verbetering van de arbeidsomstandigheden.

Om dit beleid tot uitvoering te kunnen brengen zal Beutech b.v.:

  • De medewerkers actief betrekken bij het Arbo-beleid en hen, zoals in de Wet is vastgelegd als recht, regelmatig informeren over zowel de risico’s voor hun veiligheid en gezondheid in relatie tot de uitgevoerde werkzaamheden, als over de voortgang en de resultaten van het gevoerde beleid;
  • De verantwoordelijkheden voor de uitvoering van het Arbo-beleid binnen de organisatie delegeren aan de leidinggevenden en de betrokkenen hierover informeren;
  • Zich aansluiten bij een externe deskundige dienst (Arbo-dienst).

Verder zal Beutech b.v. op het gebied van arbeidsomstandigheden tenminste voldoen aan de wettelijke regels en in alle gevallen eigen regels en voorschriften te formuleren en in te voeren die kunnen leiden tot de gewenste verbetering.

Milieubeleid

Beutech b.v. draagt bij aan de doelstellingen van de overheid op het gebied van milieu, door zorg te dragen op een correcte naleving van de geldende regels. Het milieubeleid is gericht op:

  • Voorkomen van gevaar, schade of hinder op het gebied van lucht-, water- en bodemverontreiniging;
  • Zorgvuldig omgaan en werken met chemische stoffen en overige materialen;
  • Beheerst verwijderen en afvoeren van reststoffen;
  • Voorkoming van lozing van verontreinigde stoffen;
  • Vermijden van geluidshinder waar mogelijk.

Bij de aankoop en gebruik van materialen zal optimaal worden gekeken naar materialen of grondstoffen met de mogelijkheid tot hergebruik.

Namens de Directie, juli 2006
R.G. Beute